Koperen Luistertrompet (1)

 Met Rudy Kousbroek heb ik het er nog wel over gehad. De eerste keer zaten we samen op de gang bij een uitgeverij, binnen werden toespraken gehouden.

 'Ik versta er toch niks van,' zei Rudy. 'Ik ook niet,' zei ik. We raakten in gesprek over doofheid. 'Je kan beter blind zijn,' zei Rudy, 'je weet wel waarom.' 'Zeker,' zei ik, 'blind is tragisch.' 'En een dove is een idioot. Doofheid is belachelijk.'

 Ik vertelde hem van mijn stripheld professor - hoofd bonkt wordt roodvonk, grappig - Zonnebloem. Dit alles herinnerde ik me toen ik de kunstverzamelaar Otto Schaap tegenkwam, die me onder m'n neus duwde wat ik onmiddellijk herkende als de 'koperen luistertrompet' die door Gerard Reve beschreven wordt in de Avonden. Een handig instrument, omdat je het luister­gedeelte voor de mond van de spreker kunt houden. Ik sprak keurig in de beker van de trom­pet.

 Immers een elektronisch hoortoestel heeft z'n microfoontje op een veel onvoordeliger plaats zitten: achter het oor. Zodat de stem van de spreker eerst een heel stuk akoestische ruimte - vol omgevingsherrie - moet passeren voor hij wordt opgevan­gen en versterkt.

Joop Schafthuizen

 Wat rest Joop Schafthuizen, nu het Amsterdams Gerechtshof goedvindt dat het derde deel van de Reve-biografie van Nop Maas verschijnt?

 De Hoge Raad? Hij is er toe in staat. Het kan hoog lopen bij Joop. Toen ik met Reve zijn boek De Avonden opnam in verschillende Hilversumse studio's lukte het vijf opnamedagen lang Joop in Schiedam te houden. Niet makkelijk, gezien zijn jaloezie op alles wat Gerard buiten hem om deed.

 Maar de zesde dag kwamen ze getwee. De laatste verbeteringen werden vastgelegd en daarna zou ik Gerard interviewen over het boek en de radio-uitzending. Bij de eerste bandwissel was het raak. Joop had achter het glas bij de technicus - de door Gerard aanbeden Mark Meeuwis met de 'dierenogen' - toegeluisterd, nu stormde hij de studio binnen. Letterlijk stikkend van drift...

 'Jij, jij...' was al wat hij kon uitbrengen. En daarna 'ik gaat, ik gaat...'. En hij rende de deur uit. Gerard bleef even verslagen achter. Daarna rende ook hij de gang op. Tegen mij bezorgd mompelend 'die kleine, hij zal toch niet…'. Pas na een hele tijd keerde hij terug. Joop was onvindbaar. Van een interview kwam niets meer.

 

Tags: 

Yves Klein

 De schilder (1928-1962) die in 1957 uitkwam op het ultramarijnblauw, omdat hij ontdekte dat die kleur een nabeeld ach­ter­laat 'dat de toeschouwer doordrenkt', schreef ook gedich­ten. Zoals ik ontdekte op de verrassende expositie 'Parijs', over de hoofdstad van de kunst tussen 1900 en 1960 in het Haags Gemeentemuseum. Opeens zag ik daar het handschrift van Gerard Reve en een foto van hem en vriend Rudy Kousbroek, die in de lichtstad woonde. Reve vertaalde Yves Kleins 'Kom met mij in de leegte' (1957):

Steeds wanneer ik aan u denk

droom ik van onze vacantiedagen

toen wij, de armen  om elkaar geslagen

de wegen volgden

herinnert U zich nog

hoe ons pad steeds lichter werd

en alles begon te verdwijnen

de bomen

de bergen

de zee

en ook de bloemen

rondom ons was niets

opeens eindigt ook de weg

we staan aan het einde der wereld

zullen we teruggaan

nooit

Kom met mij in de leegte

Want U, U droomt toch ook

van de leegte, onze oneindige liefde

Ik weet dat wij zonder een woord te spreken

ons zullen storten in de afgrond

die onze liefde redt

de leegte wacht op onze liefde

zoals ik U elke dag verwacht

Kom met mij in de leegte.

de Madeleine uit Commercy (Lotharingen), met het visschelpmotiefje

Jelle Leenes (2)

Nuja die feromonen, een mooi verhaal, maar in geurland staat zo weinig vast. Jelle Leenes drijft me de herinnering in. Dat komt goed uit, want ik heb koorts. Koorts herinnert beter, vermoed ik.

Het cakeje van Proust, de Madeleine uit Commercy, dat - heel gericht - zomaar herinneringen opriep is maar één variant. Vaak komt een geur je bekend voor, maar roept ie alleen een sterk gevoel van geluk of gevaar op, terwijl de bijbehorende herinnering ontbreekt. Vers brood, pas gemaaid gras, creosoot.   
Met Gerard Reve telefoneerde ik - hij zat in Frankrijk - eens langdurig over het celluloid dat vroeger op fietssturen zat - voordat daar chroom voor werd gebruikt. Glad en hard, met een fraai krinkelend ribbeltjesmotief.
Gerard en ik bleken beiden als jongen te hebben ontdekt dat celluloid zeer brandbaar is. Een lucifer en het stuur van buurmans fiets stond in lichterlaaie.
'Het leek wel zo'n brandend kruis van de Ku-Klux-Klan.'
'Verdomd, dat leek het. Een vlammend fietsstuur! En stinken..'.
'Er kwamen grote zwarte rookwolken vanaf.'
Zo belandde hij in Betondorp en ik in de Heeckerenlaan in Zutphen. 
 

uit de verzameling

Annemieke Houben (2)

Annemieke Houben, historisch letterkundige, werkt bij het P.J.Meertens Instituut. In haar vrije tijd maakt ze de site NadePiep. Vanaf morgen, maandag, laat ze in De Avonden elke dag na 21.00 een keuze horen.

 Hoe praatten de mensen vroeger? Van woordgebruik, intonatie, zinsmelodie in andere tijden is weinig bewaard. Dankzij Nadepiep weten we iets van de jaren '80 en '90.
Sommigen hadden hoorbaar moeite met het inspreken van antwoordcassettes. Er is ook ergernis. Hoe kan het dat iemand woensdag om zeven uur nog niet thuis is?
Of de onzekerheid als de ander niet kwam opdagen. Je belt en hij of zij is er niet. Of doet alsof. Waarom? Ligt dat aan jou? Stemmen verraden veel.
Annemieke: 'In je vriendenkring leer je mensen kennen door hoe ze een boodschap inspreken. Sommigen springen op het podium, vergroten zich, nemen alle ruimte, anderen kruipen weg, worden onzeker.'

 Op wie antwoordcassettes bezit wordt nog steeds een dringend beroep gedaan. 
Toen ik vorig jaar van het plan hoorde heb ik de mijne afgestaan, met daarop onder meer Gerard Reve, Johnny van Doorn en A.Moonen. Over die laatste zegt ze 'Hij is gemaakt voor het antwoordapparaat'.
 

NadePiep (1)

 'Ja met mij.'Voor de voicemail was er het antwoordapparaat. Misleidende benaming, het apparaat antwoordde niet, het nam boodschappen op. Op grote en kleine geluidscassettes. Ingesproken 'na de piep'.

 Die cassettes werden meestal steeds opnieuw gebruikt, van de boodschappen rest weinig. Toch, een enkeling bewaarde de ingesproken boodschappen. Ik ben zo iemand. Het heeft geduurd tot midden jaren '90.
Toen ik vorig jaar hoorde dat Annemieke Houben dit soort cassettes verzamelde, met het doel er een website mee te maken heb ik haar de mijne gegeven.

En nu opeens is er nadepiep.nl
Wat gebeurt hier. Je hoort stemmen uit een verleden. Die doen denken aan de spookverhalen over radioprogramma's van lang geleden die soms uit de stratosfeer in ontvangers terecht komen.
De vorm van de site onderstreept die ongrijpbaarheid. De stemmen zijn bewaard, maar in wat voor werkelijkheid klinken ze? Onder hen die van Gerard Reve, Johnny van Doorn en A.Moonen.
Op wie nog antwoordapparaatcassettes bezit wordt een dringend beroep gedaan.
 

het heelal in wording?

Frans Pannekoek (1)

In het Rembrandthuis is vanaf zaterdag het grafisch werk van Frans Pannekoek (1937) te zien. Kleine prenten in minutieuze lijntjes van landschappen en dieren, maar ook portretten en zelfportretten. Veel licht-donker, ja.

Gerard Reve maakte samen met Pannekoek het boek 'Veertien etsen van Frans Lodewijk Pannekoek voor arbeiders verklaard' (1967), waarin hun vriendschap beschreven staat.  
Soms zit het werk van Pannekoek tegen het abstracte aan.
Dit beschreef Reve later als 'abstrakt expressionisme: Gevlekte wolken, modder, het heelal in wording, in ieder geval iets waaraan je niet kan zien wat het voorstelt.'
Pannekoek en Reve hadden elkaar in 1958 ontmoet en tussen 1964 en 1967 woonden zij niet ver van elkaar in Friesland.

Zaterdag in de weekendbijlage van de Avonden meer,
 

Tags: 
Nop Maas thuis

Nop Maas

Morgen praten met de biograaf over z'n tweede deel. Het duurde even. Zo vlug kan ik meer dan achthonderd pagina's niet lezen en overdenken. Gerard Reve, kroniek van een schuldig leven. Daar staat het. En dan volgt "De 'rampjaren' 1962-1975".

Waarin zitten hem die rampen? Niet alleen in Gerards persoonlijk leven. Hij onderging tegelijk de wereldwijde grote verwarring van de jaren '60. En ja, hij was er gevoelig voor.
In die vreemde overgangsperiode stond opeens alles op losse schroeven. Hij liep er niet voor weg. Integendeel, hij werd er door aangetrokken, maakte er deel van uit. Werd het icoon - zijns ondanks - van de vernieuwing.
Zijn brievenboek 'Op weg naar het einde' (1963) blijkt achteraf een schokgolf te hebben veroorzaakt, in de ironische stijl, in de literaire vorm, als bekentenisgeschrift.
Wat wilde hij? Niets anders dan met zelfrespect en gerespecteerd door de maatschappij door het leven kunnen gaan, als homosexueel, als katholiek, als schrijver.
Zo stelde hij het Nederland van toen op de proef.
De wereld vóór Reve heb ik nog gekend. Ik hoorde bij mij thuis in de erker volwassenen smalend praten over wat nu gevoel heet, over homo's en heel soms, heel besmuikt over seks. Eigenlijk bestond het allemaal niet.
En dan komt er een schrijver die gemeenschap heeft met God in de vorm van een muisgrijze ezel.
Hoe hield Reve het vol? Soms niet.

Morgen na 20.00 is Nop Maas te horen in de Avonden.

 

Wim Noordhoek en Nop Maas
Beluister fragment
Wim Brands en Nop Maas gisteravond in Pulchri

Huwelijk

Binnenkort verschijnt het tweede deel van de biografie van Gerard Reve door Nop Maas. Hij werd daarover in het Haagse Pulchri Studio ondervraagd door Wim Brands, tijdens het zg. Voorwoord-festival van Crossing Border.

Nop vertelde oa. het verhaal achter het zg. 'huwelijk' van  Gerard en Teigetje (Willem van Albada) zoals op televisie te zien in de Amsterdamse H.Hartkerk in 1969.
Gerard en Willem komen daar wel hand in hand aangelopen door het middenpad, maar dat had een andere reden: Willem was ijdel en wilde niet met bril op de televisie. Maar toen kon ie niks zien, zodat Gerard hem aan de hand moest geleiden.
 

Nop Maas, gisteren in Haarlem
Gerard Reve en vriend Wim Hermans

Nop Maas (5)

 Gisteren was ik bij Nop Maas, ons gesprek wordt maandag na 21.00 uitgezonden. Ik sprak m'n verbazing uit over de omgangsvormen in het gezin Van het Reve, zoals hij ze uit meerdere bronnen in z'n biografie documenteerde. Die zijn nogal hard en merkwaardig. Neem de toon die de jongens aansloegen tegen hun moeder: 'Niet zeuren Net! Terzake Net.'

 Er bestond genegenheid, maar de code zei dat je die niet liet merken. Wel was er een onderscheid. Gerards relatie met z'n vader was moeizamer. Toch liet hij hem nog jarenlang teksten waaraan hij werkte lezen. Waarop hij vaak verkeerd reageerde. Gerard zwoer dan het ouderlijk huis af, 'nooit, nooit, nooit' zou hij er meer een voet zetten. Maar een maand later zat ie er alweer met een gedicht, waar zijn vader weer zonder begrip op reageerde.
'Hij wilde hoe dan ook de erkenning van de vader,' zegt Nop.

 'Er is door Gerard en Karel, en in hun voetspoor door anderen, wel gezegd dat ze opgroeiden in een cultuurarm milieu. Karel klaagde dat niemand hem kon helpen met z'n huiswerk. Maar vader kende gedichten van Gorter en Heine uit z'n hoofd die hij met z'n zoons deelde. De beeldhouwer Hildo Krop en de historici Jan en Annie Romein kwamen over de vloer, dat was toch wel de cultuur binnen de communistische beweging. 
Gerards moeder was een jaar in Australië geweest, Annie Romein had grote sympathie voor haar. Was dat cultuurarm?'

 Zo kan ik me beter de oudejaarsavond 1948-1949 voorstellen die Gerard Reve en zijn vrouw Hanny Michaelis vierden in hun nieuwe behuizing, samen met hun vriend Wim Hermans én Gerards beide ouders.

Pagina's