Schaduwen

 Gisteravond liep ik een lang stil stuk waar maar af en toe een straatlantaarn stond. Een paar keer had ik de indruk dat er iemand achter me liep. Maar wat ik ook keek, niemand. Het was mijn schaduw die soms achter me verdween, dan weer voor me opdoemde. Meerdere schaduwen soms zelfs.

 In zijn boekje 'Shadows' legt Ernst Gombrich uit hoe schilders dat probleem oplosten. Schaduwen blijven raadselachtig. Ze ontsnappen ons voortdurend, veranderen van vorm. Je kunt ze niet vastpakken, ze bieden geen houvast in een wereld waar alles vastligt. Je kunt ook door ze heenkijken.

 De Engelsen hebben zelfs altijd naast hun regering een 'schaduwkabinet', waarvan het spook Jeremy Corbyn de schaduw-premier is. De Grieken meenden dat wij in een hiernamaals onder 'angstig piepende' schimmen zouden voortleven.

 Maar, wat een schaduw werpt moet wel concreet zijn. Vampiers hebben geen spiegelbeeld. Was het niet Peter Schlemihl die zijn schaduw aan de duivel verkocht?

 Lang geleden leerde ik aan een vormingsinstituut het schimmenspel kennen. Een haas met een oogje, met je vingers voor een lamp maken, maar dan verder, met prinsen en prinsessen.

 De wereld van de schaduwen blijft vol raadselen. Op vazen uit de oudheid zie je nooit schaduwen. Ook de Chinezen lieten ze weg. Waarom?

Tags: 

Schaduwen

 Je kunt het niet vastpakken. Het is er alleen soms, maar steeds anders. Zo lijkt het op een raadsel uit een sprookje. Bij de oude Grieken werden de doden 'schimmen' ofwel schaduwen. Het boekje 'Shadows, the depiction of cast shadows in western art' van Ernst Gombrich (1909-2001) is herdrukt en ook afgeprijsd.

 Meestal zie je ze over het hoofd, maar als de zon schijnt, 's ochtends vroeg of tegen het eind van de middag, als ze lang worden, moeten ze wel opvallen. Dan beginnen ze te 'werken'. En 's nachts bij maanlicht helemaal.

 Vreemd, ik dacht al lezend meteen aan Polanski's Fearless Vampire Killers', waar je wordt ingepeperd dat je een vampier altijd makkelijk herkent: hij of zij heeft geen schaduw. En dan die slotzin als ze met hun sleetje over de besneeuwde heuvels verdwijnen: 'And from there the evil spread all over the world'.

 Schaduwen zijn immaterieel, maar toch zo menselijk. Gombrich laat zien hoe de schilderkunst ze is gaan gebruiken om figuren te dramatiseren, ook door het geraffineerde 'doorlichten', immers schaduwen zijn niet zwart, je ziet de persoon of het lichaamsdeel waarop ze vallen er doorheen, zij het spaarzaam. De spanning tussen licht en duister.

 Onze wereld wankelt, niets is zeker. 

 Deze Christus van Benedetto Diana (1510) laat het zien, de schaduwen in zijn handen en op zijn borst zijn niet zwart, ze brengen hem tot leven. Je hoort hem.

Tags: