Amsterdam drawing (1)

 Tekenen brengt vaak een lichtheid met zich mee die schilderijen en installaties missen. Alsof olieverf of concept een groter soor­telijk gewicht hebben dat ze omlaag duwt. Losse lijntjes luchten op.

 Geven de kijker de ruimte. Bij Amsterdam Drawing op het NDSM-terrein in Amsterdam-Noord was het ook nogeens onwezenlijk heet, wat gek genoeg hielp. Er komt ook een mooie bak licht van boven. En buiten kabbelt het IJ.

 Tekenaars dus, werkers met krijt en pen of waterverf als Emo Verkerk, Peter Morrens en Marcel van Eeden, Jantien Jongsma en Renie Spoelstra varen daar wel bij. Het idee van losheid, alsof het zo weer uitgegumd kan en weer anders gedaan. 

 Dat brengt, zo lijkt het wel vanzelf grapjes met zich mee. Grapjes met het medium. Zoals bij de onderbroek van Keetje Mans die van de lijn in de taken woei, of de dolende Jan Arends van Verkerk, ernstige grapjes zoals de eilanden van de Japanse Fumito Urabe, waar je geen Robinson Crusoe vindt maar een autowrak.

 Een enkele keer overheerst ernst als die van Ronald Noorman of de jonge Enkhuizenaar Thijs Zweers die in zijn Zero One no. 10 de wereld omkeert. Wat beschadigingen van de voorstelling lijken zijn juist zorgvuldig uitgespaarde plekken wit papier, net niet overgroeid door een enorm, broeierig bosschage.

 Later meer.

Joseph Roth en vrouwen

 Zijn vriendin Irmgard Keun vertelde het gisteren. Alcoholist of niet, Joseph Roth was aantrekkelijk voor vrouwen.

 Je ziet het zo niet, maar hij had heel lange wimpers. Dat kwam doordat hij als kind zijn oogharen uittrok, 's nachts in z'n slaap. Die daardoor steeds langer aangroeiden.

 Belangrijker is zijn aandacht voor vrouwen. In 'Die Flucht ohne Ende' (1927) keert zijn alter ego als Oostfrontsoldaat terug naar Wenen en belandt in Parijs. Een café:

 'De dames hielden hun hoeden op, een oudere dame trok zelfs haar handschoenen niet uit. Ze nam haar taartje met leren vingers aan, stak het tussen karmijnen lippen, kauwde het met porseleinen tanden.'

 Het gaat Roth om zulke schijnbaar eenvoudige dingen als het uit een auto stappen:

 'De chauffeur opende het portier en een dame stapte uit. Ze was slank, blond, in het grijs gekleed. Hij zag in een oogopslag de smalle schoenen van grijs, glad leer die de voet soepel omspanden, zag de dunne, als het ware bloeiende kous, deze kunstmatige en dubbel opwindende huid van het been, hij omvatte met beide ogen, als met twee handen, de smalle, losbandige heupen.'

 In zijn ogen is vrouwelijke schoonheid 'geen luxe maar een vanzelfsprekend instrument van hun bestaan.'

Geest

 Soms is lach de hoogste lof. Toen ik vanmiddag in Oranjewoud, kijkend naar schilderijen, een paar keer overvallen werd door eigenaardige tintelingen wist ik dat er iets aan de hand was.

 Voor wat Neo Rauch, Daniel Richter, Emo Verkerk, Marijke van Warmerdam of Zang Xiaogang bij me opwekten weet ik geen ander woord dan geest. Zoals mijn vriend Johnny van Doorn het woord gebruikte in zijn 'de geest moet waaien'.

 Het begon al met de mij onbekende Thoralf Knobloch (1962) en zijn schoorsteen. Nee, Groningen was niet ver. En de scheuren in de baksteen - midden in beeld - onmiskenbaar.

 De voorstelling 'Duck' van Marijke van Warmerdam maakt het nog bonter. Slootwater blijkt spiegelglas, waaruit ze een scherf heeft gelicht die ze ons omgekeerd voorhoudt. En ik spiegel me. Vreemd genoeg komt me dit alles volkomen plausibel voor.  

 Het was druk in museum Belvedère bij 'Facing nature'. Dwaze titel, maar het kind moest kennelijk een naam hebben. Om me heen stonden ernstige peinzers te kijken naar wat het fortuinlijke echtpaar Henk en Victoria de Heus zoal verzamelt. Eerder zag ik al iets van ze in Singer, Laren, maar dit was internationaal, vooral Nederlands en Duits van de laatste decennia met een nadruk op ja wat?

 Over beeldende kunst en glimlachjes of erger, las ik nog nooit iets, tenzij depreciërend. Naast me legde een ernstige man aan zijn vrouw uit wat ze zag, zoals dat gaat in de wereld. Dus beet ik op mijn lip. Om vooral niemand te storen met mijn binnenpretjes.

Amsterdam Drawing

 Echt tekenen doen er niet zo veel, zei Emo Verkerk, die nieuwe tekeningen heeft hangen in het bouwsel op het NDSM-terrein waar het vanmiddag opende.

 Wat doen ze dan? Er wordt nogal gepoetst. Maar toch niet door Marcel van Eeden, Jantien Jongsma in haar panoramische stads­gezichten of Jakub Ferri met z'n eigentijdse discarding imag­es. 

 Emo is een lezer. Hij tekent veel schrijvers. Nu kwam ik weer een heel raadselachtige Joseph Roth tegen (hij raakt niet uitgetekend op Roth), Nietzsche was er, Edgar Allan Poe.

 We ontmoetten elkaar ooit omdat we allebei Gerard Reve ken­den. Toen ik eens op het Waterlooplein dump-legertentjes voor Gerard had gekocht bracht Emo die naar het Geheime Landgoed in Frankrijk. En nu zijn er portretten te zien van de meester-meubelmaker Paul Beckman met wie Gerard en Joop in Schiedam bevriend waren en die kortgeleden overleed. Zo teken je een meubelmaker.

 Tekenen en schrijven liggen dicht bij elkaar. Een pen of een potlood is al wat je nodig hebt. En dan, een denkwereld en wat in beide dis­ciplines heet 'een handschrift'.

een van de foto's

Emo Verkerk (4)

Wie kwamen er in de eregalerij van geportretteerden? Bijvoorbeeld de schrijver Joseph Roth. De man die hem - tijdelijk - van de drank redde.

'Ik dacht ik moet ermee stoppen want ik word helemaal gek. Toen ben ik ben me gaan concentreren op één ding en heb honderden pentekeningen gemaakt, zittend op een stoel, helemaal ontspannen. Dat heb ik een zekere tijd volgehouden. Tot ik een beetje van die zenuwen afkwam.'
De foto's van Joseph Roth waar hij naar werkte vond hij in een boekje van de Engelbewaarder over zijn periode in Amsterdam.
'Steeds die ene kop, maar in andere leeftijden of situaties. En dan vijf van dit fotootje en vijf van een volgend. Een heel geconcentreerde bezigheid waardoor ik aan niks anders dacht. 't Is niet zo dat ik altijd dronk, maar ik had wel van die periodes dat ik vier, vijf dagen kon doorzuipen. Je kunt een probleem voor je omgeving worden. Dus ik dacht, ik moet er maar eens een punt achter zetten. Het tekenen van Roth heeft me ook geholpen omdat ie zelf zo'n geweldige innemer was, dus ik stond niet met een vreemde te communiceren, snap je, met dat tekenen. Toen ben ik echt vijf jaar gestopt.' 
Ik merk op dat op deze tekening een paar volle glazen staan.
‘Ja dat klopt. Hij kon niet tegen één glas, hij moest altijd twee consumpties bij zich hebben. Mocht er een leeg zijn dat ie altijd nog een reserve had.'

Morgen na 21.00 is Emo Verkerk te horen in de Avonden.

Tags: 
 
'Beckett in de vijver van zijn broer'

Emo Verkerk (3)

Na ik denk 17 jaar zag ik Emo Verkerk vanmiddag terug in het Haagse GEM. We zouden een radioverslag maken van zijn tentoonstelling 'de 100 mooiste tekeningen'. Onze eerste ontmoeting was in 1992, op instructie van wederzijdse vriend Gerard Reve.Nu, aan de vijver van het Gemeentemuseum, met zicht op de stenen kikker, herinnerden we ons.

Ik had Gerard toen een tijdlang vaak aan te telefoon vanuit Frankrijk, waar hij aan z'n geheime Landgoed bouwde. Joop was er niet, en vooral 's avonds verveelde hij zich, dus spraken we langdurig over van alles, van het celluloid op fietsensturen tot de deuren in z'n bouw.
Op een dag vertelde ik hem het verhaal van mijn vader, die voor de oorlog in dienst was geweest, over de legercapes. Officieren droegen die capes, en in geval van nood - regenweer tijdens een oefening - konden twee officieren uit hun twee capes met een tentstok een tentje maken en daarin overnachten. Gerards fantasie was gewekt, en richtte zich nu op legertentjes. Ik vertelde dat er op het Waterlooplein tentjes uit de dump te koop stonden.
Na wat rondkijken kon ik berichten dat zo'n dumptentje maar 35 gulden kostte.
'Koop er dan meteen maar twee.'
'Waarom twee?'
'Omdat ze zo goedkoop zijn natuurlijk.'
Ik kocht de tentjes en kreeg instructie ze te bezorgen bij Emo Verkerk in Amsterdam-Oost, die ze zou meenemen naar Frankrijk. Zo ontmoette ik Emo.

De tentjes hebben een zomer lang op het gras bij het Geheime Landgoed gestaan.

Emo Verkerk (2)

Als kind in de kop van Noord-Holland tekende Verkerk, maar hij stopte toen hij - twaalf jaar oud - toch liever een bekwaan 'opvoerder' van brommers wilde worden. Op de tentoonstelling zijn prachtige series brommertekeningen te zien. Hij kwam een eind, getuige de catalogus:

'Uit armoede reed ik op damesbrommers die ik verschrikkelijk had opgevoerd en die een gillend geluid produceerden. Wat weer stoer was natuurlijk, zeker als je daarmee een buikschuiver met opvoersetje voorbij ging. Opvoersetjes voor mijn modellen bestonden toen niet.'
Zijn eerste was een HMW.
'Het motorisch wonder. Dat was Oostenrijks. 50 cc. Die had ik laten bouwen op een autoped. Bij een smederij in Bergen. Dat koste 12,50. Dat vond ik nog wel meevallen. Dus ik had die autoped aangeleverd, en een tankje en wat stangen afgezaagd, en toen aangegeven waar wat moest worden aangebracht. En die man heeft dat toen keurig aan mekaar gelast. Dat ging vrij hard dat ding. Maar ik reed de velg los uit de band. Dan draaide de velg wel, maar de band bleef stilstaan. En toen heb ik er een massieve band om gezet. Die had mijn opa nog liggen.'

Tags: 

Emo Verkerk (1)

In het Haagse GEM nu te zien 'De 100 mooiste tekeningen' van Emo Verkerk, waaronder veel portretten (oa. Beckett, Joseph Roth, Pavese, Spinoza, Svevo).We leven in een wereld vol portretten, in tijdschriften, op tv etc.. Verkerk geeft zich in de mooie catalogus rekenschap van wat een portret is. Hier een passage over kitsch, in het Russisch 'poshlost', maar dat is een veelomvattender begrip. Nabokov gebruikt het in z'n Gogol-biografie.

'Dat gaat over alles wat goedkoop, namaak, maar ook alles wat schijnbaar mooi, belangrijk, knap en aantrekkelijk is. Het is extra machtig en gemeen wanneer de onechtheid er niet duimendik bovenop ligt en wanneer de waarden die het nabootst terecht of ten onrechte worden geacht te behoren tot het hoogste niveau van kunst, denken en gevoel. Het bijzondere is dat Nabokov poshlost ook in verband brengt met tijd en ruimte. De geslaagde verbeelding werkt bevrijdend, springt je tegemoet, ook juist ruimtelijk. Toont de gelukkige verbinding van schoonheid en genade, mededogen. Terwijl poshlost exact tegenovergesteld werkt, de verbeelding afsluit, je omgordt met namaak, met vanzelfsprekendheden, met waarden die onecht en opgedrongen zijn.'

Donderdag ga ik met Emo Verkerk langs de tekeningen lopen voor de Avonden.

Pagina's