Zorgvrouwen

 Nu de televisie avond aan avond ziekenhuizen vertoont merk ik dat de mensen die het werk daar doen buiten beeld blijven. Je ziet managers en directeuren. Maar mijn ervaring is deze: van de huisdokter tot de neurologe, de cardiologe, de tan­darts, de fysiotherapeut tot en met alle verpl­eegkundigen en laboranten en zij die mijn bed door lange gangen duwden, het waren vrouwen.

 Alleen de radioloog was een man. Maar juist die legde de nadruk op zijn handen. 'Al die apparatuur is mooi,' zei hij, 'maar bij mij ein­digt het altijd bij de handen.' En inderdaad, aanvoelen kon hij heel goed.

 De dotteraar was een andere uitzondering. Bij hem werd ik een auto op de brug in een garage.

 In de oude tijden waren het in wat nu de zorg heet meest mannen. Ik kan dus vergelijken. Weinig mannen kunnen een lijf goed aanvoelen en aftasten. Mijn mooiste ervaring waren de drie meisjes die me vele malen onder de bestraling moesten leggen. Precies met het getatoeëerde stipje op mijn buik onder de kruisende groene en blauwe laserstralen. Steeds weer millimeterwerk voor het bombardement kon beginnen. De drie meiden hadden er plezier in.

 Het aanvoelen en aftasten ging daarbij ook verbaal. Het werd een spel. De ene keer dat er een jongen in het team van drie optrad viel hij uit de toon die daar heerste. Te bruusk, te ruw, te zakelijk.