Liedjes

Een goeie liedtekst zegt - anders dan de meeste gedichten - vaak alles in de eerste regel. die ook de titel is. En de hele waarheid, zoals in 'Och was ik maar bij moeder thuisgebleven.' Zeer dubbelzinnig ook. En hypocriet.

 'Kom van dat dak af' bouwt meteen span­ning op. Roert een raad­sel aan, net als 'Busje komt zo' of 'Bij ons staat op de keuken­deur'.

 Er is iets met liedjesteksten. Hun boodschap wordt erin gehamerd door de melodie, het refrein, de eindeloze herhaling die ze neuriebaar maakt. En, ze leven van de suggestie: 'Annie hou jij m'n tassie even vast.'

 Het boekje van Hoofdredacteur van de Dikke Van Dale Ton den Boon, getiteld 'En ieder zong zijn eigen lied' en ontleend aan de radiorubriek 'Volgspot' van KRO-NCRV, mist vele kansen. Wat er al in staat aan dubbelzinnigheid krijgt moraliserend commentaar mee. Ja, carnaval blijft een aanslag op de goede smaak. Terwijl dubbelzinnigheid juist essentieel is in liedjes.

 Internationaal ook. In de blues kun je 'Sugarcane Harris' heten, de podiumacts bij zwarte muziek hebben de tegenwoordig 'wit' genoemde entertainers geleerd hoe het moet. Toch is 'Weet je wat ik graag zou willen zijn. Een bloemetjesgordijn' mijn topper. En gaat dit meesterwerkje van T-Bone Walker bijna dagelijks door mijn hoofd:

 'They call Stormy Monday/ But tuesday is just as bad/ wednesday is worse/ and thursday is o so sad. The eagle flies on friday/ and saturday I go out to play./ On sunday I go to church/ get down on my knees and pray.'

 Wat is er met die adelaar op vrijdag? Die staat op de dollarbiljetten waarmee je je loon krijgt.