Lambiek

 Mijn moeder introduceerde het Epedamannetje. Dat was een reclame voor matrassen. Elke dag een klein plaatje in de krant, zonder tekst, alleen altijd het zelfde mannetje in pyjama, dat ofwel sliep, ofwel het matras als tram­poline gebruikte. De kunst was de ochtend vooraf te raden wat hij die dag zou gaan doen.

 Mijn kennismaking met de strip ging daarna langs Lambik en Jerom, zoals ik ze ging spellen na een bezoek aan Antwerpse antiquariaten. Een ideale rolverdeling, waarin mijn broer Hans mee ging. Vandersteen bewerkte vaak klassieken. Zo werd Don Quichote Lambik en Jerom zijn knecht Sancho Panza. En dus ik Don Quichote en Hans Jerom.

 Ik ging ze ook tekenen op de gestucte schuine muur van onze gedeelde zonderkamer. Een reusachtige Guust in waterverf verrees naast mijn held Lambik met zijn drie haren en vlinderdasje.

 Ik heb Willy Vandersteen eens geinteriewd. Hij vertelde hoe hij had leren tekenen in het atelier van zijn vader, die gipsen plafonds met guirlandes en soms een engeltje ontwierp voor rijke Antwerpse huizen.

 De introductie van Jerom in de serie was magistraal. In Vandersteens versie van de Drie Musketiers van Dumas is er een 'geheim wapen', dat opgesloten zit in een vierkante kooi. Tenslotte komt Jerom daaruit. Een oermens, die alles kan 'Ben geheim wapen, kom iedereen doodslaan'. Dat sprak broer Hans wel aan.