Dave Meijer in Den Haag

 Vanmiddag. Samen met Dave Meijer (1955) bestijg ik de trap in de labyrintische Haagse Galerie Nouvelles Images aan het Westeinde, waar hij vanaf vandaag samen met Piet Tuytel en Ronald Noorman exposeert. Klassieke scene. Hij haalt opeens een tube in een plastic zakje tevoorschijn, doopt een vinger in witte verf en poetst een vlekje op een van z'n panelen weg. Straks is de opening.

 Rechtsonder zit nog een zwarte vlek.

 'Moet die niet ook weg,' vraag ik. 'Ja, die zat er van het begin. Maar ik laat hem zitten. Hij werkt.' 

 Toevallige veegjes kunnen bij Meijer doorslaggevend blijken. Weet ik. Ik volg hem al jaren. Het is begonnen met evenwicht, het evenwicht van het Zeeuwse land en de horizon. Hij woont nog steeds in Goes.

 Maar vlakken staan steeds vaker uit het lood, komen zelfs naar voren. Afschuin­ingen treden vaker op. Hij lijkt erop uit het evenwicht te tarten. Het evenwicht van landschap en horizon.

 Als je nagaat hoe hij werkt zie je vervolgverhalen. Die beginnen in verflagen, verder worden gebouwd uit zomen, randen – Dave Meijer is een randenman – weggeschilderde eerdere opzetten. Niet te glad.

 ‘Deze lijkt zowat een interieur,’ zegt hij giechelend. ‘Met een vensterbank.’

 'En een gordijn,' vul ik aan. 'Maar niet heus.' 

 De laatste tijd komt er steeds vaker een dimensie bij. Hij kiest al werkende soms voor een stukje triplex inplaats van een verflaag. Halverwege trompe l’oeil. Heel netjes zagen is het niet wat hij doet. Randjes blijven er. En de spijkertjes waarmee hij het vastzet gaan met hem op de loop. Daar heeft hij plezier in. De schilder wordt timmerman.

 Het blijft cirkelen rond het evenwicht. We praten over de muziek van het schilderen. Wat swing is, of Schwung. Het net iets voor de tel gaan zitten of er na. Wachten en hervatten. Met dank aan Han Bennink. Alles beweegt of kan het any moment gaan doen.

Tags: 

Ik sta stil

 Is de titel van dit kunstwerk, dat ik van mijn vriend, de schilder Dave Meijer kreeg. 'Ik sta stil' komt vermoed ik voort uit een van onze gesprekken.

 Ik denk dat ik Dave het verhaal vertelde van de marconist op de grote vaart die niet wilde praten over hoe varen nu eigen­lijk was: 'Dat begrijpen jullie toch niet'. Na veel aandringen zei hij: 'Luister, het schip ligt stil. De wereld komt voorbij. Soms zie je wat havenin­stallaties in de verte en dan zeggen we aan boord 'daar komt een dorp voorbij'. Dus onthou, het schip ligt stil.'

 Dave maakt kleine schilderijen waarin je landschappen of delen daarvan ziet, of je wilt of niet, ik tenminste wel. Hij doet dat in een speciaal naar zijn ontwerp gebouwd atelier zonder ramen. In Zeeland. Van buiten zie je een zwarte doos. Van binnen zijn er alleen twee heel smalle bovenlichten die elkaar net niet haaks kruisen. Vraag je ernaar dan zegt hij dat er meer dan genoeg landschap­pen in zijn hoofd zitten. Uitzicht zou hem maar in de war brengen.

 Het onfotografeerbare werk dat ik kreeg bestaat uit een glasplaat waarop hij aan de onderkant zwarte rechthoekjes heeft geschilderd. Op het karton in de bodem, anderhalve centimeter lager, schilderde hij - vlak onder de zwarte - even zo vele blauwe rechthoekjes.

 De bedoeling is nu dat de zon erop valt, en een nieuwe laag zwarte rechthoekjes toevoegt, namelijk de schaduwen van de zwarte rechthoekjes op het glas. Als ze er zijn - afhankelijk van de zonnestand - vallen die steeds ergens anders. Het is een soort zonnewijzer.

 Intussen hangt het werk aan de muur en de kijker - ik dus - staat stil. Ik ben het schip.   

Tags: 

Minimal Myth (1)

 Met een helder hoofd verliet ik Museum Boijmans. Het bad in het minimalisme had me goed gedaan. Weinig kan genoeg zijn, en meer.

 Het raadsel dat daar bij komt is hoe het weinige, ruimte, helderheid, zo veel in je hoofd aan het werk kan zetten. Grote schoonmaak, maar dan? Ik ben een boon als ik begrijp hoe het werkt.

 Ik zag werk van Jan Schoonhoven en dacht aan z'n betoog - op film - over eindeloos over­geverfde, ijzeren hekken in Delft. De lichte onregelmatigheden in de regelmaat. Aan mijn vriend Dave Meijer, die me wees op de zijkanten van z'n doeken, waar het linnen over het raam gespannen zit en uitlopers van verflagen de schilder ver­raden. Aan Ben Akker­man die bleef hameren op de randjes van z'n tekeningen. Im­mers, zo'n schilderij, zo'n tekening houdt ergens op, zei hij. En daar zit de spanning.

 Daar gebeurt het. Wat? In Boijmans wordt het woord mythe gebruikt voor het raadsel van het weinige. Dat wat je niet weet, maar met een paar lijnen of vlakken kunt doen vermoeden. Minimalisten zijn geen puriteinen, ze zijn romantici.

de 'Kruimeldief Tomado' (2008) van Frank Halmans.

Art Amsterdam

 Vanmiddag op de slotdag van Art Amsterdam in de RAI schoot me het 'Museum met Eén Schilderij' weer te binnen. Teveel, teveel, dit. Waar een schilderij - de meerderheid van het aanbod was verf of iets anders op doek - toch alleen gedijt in rust en concentratie hingen ze hier in een maalstroom van soortgenoten, ontstaan uit zoveel hoofden, zoveel zinnen. Bekaf kwam ik na een uurtje buiten.

 Hier een paar dingen waar ik m'n kop bij kon houden. Afgezien van rots in de branding Dave Meijer.

 Vermakelijk wel om hier kunstmakers, kunsthandelaars en potentiële kopers door mekaar te zien lopen. Want wie was nou wie? Mooi herkenningsspel.   

Trends? Afgezien van de verf op doek is er een neiging tot noem het huiselijkheid. Interieurs, maar ook exterieurs. Wonen spreekt kennelijk niet meer van zelf. Tjebbe Beekman maakt school. Je ziet het bij de jonge Duitsers de laatste tijd ook heel nadrukkelijk. Een mens is een huis is een mens.