Pop Aye

 Het probleem met de olifant is dat je hem niet meer serieus kunt nemen. Hij is een stripfiguur geworden. De laatste keer was toen Hannibal met olifanten als lastdieren over de Alpen naar Rome trok.

 Sindsdien ging het bergaf, in Lord Byrons tijd in Venetië hield men exotische huisdieren en Byron beschrijft hoe een bronstige olifant losbrak. Maar daarna is er alleen nog Kipling en dan eindigt het met Babar en Dombo.

 En nu zag ik Pop Aye, de Thaise film waarin de olifant in ere hersteld wordt, ja het laatste woord heeft in een mooie bedachtzame film.

 Een architect met een depressie en een mislukkend huwelijk loopt weg en koopt wat hij denkt dat de olifant van z'n jeugd is, genaamd Pop Aye. En wil met hem naar zijn verre ouderlijk huis terug.

 Maar het ouderlijk huis bestaat niet meer en de olifant blijkt niet Pop Aye. Waarmee de fabel van het olifantsgeheugen het onderwerp wordt.

 Ik denk dat de olifant heel goed weet dat de man die hem zo graag wil verzorgen niet het jongetje van toen is maar denkt, 'zo is het goed'. En zo eindigt hij in een opvang voor gepensioneerde olifanten en heeft de architect weer wat geleerd.

 Ik ga Frans de Waal lezen over olifantencultuur.

Tags: 

Trappen

 Lord Byron was misschien een van de eerste popsterren. Toen de dichter besloot Engeland te verlaten werd hij nagezeten door adellijke dames, die zelfs verkleed als kamer­meisje trachtten zijn kamer in het hotel in Dover binnen te dringen. De romantische dichter schreef verzen per strekkende meter. Ik reisde hem en zijn gezelschap in 1976 na, naar Italië.

 Eerst naar de villa Diodati aan het meer van Geneve, waar meisjes uit de buurt welkom waren en hij in 1816 zijn Childe Harold schreef. En met vriend Shelley bijna verzoop tij­dens een zeiltocht. Daarna naar Venetië waar hij de vrouw van een bakker 'huurde', zoals toen voor de adel daar gewoon was. Ze nam trouwens meteen de huishouding over. Byron reisde over de Alpen en vond ze werkel­ijk adembenemend mooi. Hij had een ongebreideld rijmtalent, het ging vanzelf. Hij leefde ervan. Maar als briefschrijver blijft hij werkelijk over.

 En nu kom ik hem tegen in de uitzonderlijke, verhalende dichtb­undel Trappen. Waarin Sebastiene Postma dichterslevens samenvat in het belopen van trappen, van keldertrap tot Jacobsladder, trapop, trapaf.  De sleutel van dit gedicht: Byron liep van jongsaf mank. Kwam hem op straat een mooi meisje tege­moet dan bleef hij stokstijf stil staan en wachtte tot ze voorbij was. Uit Sebastienes Byron-gedicht:

 'Je moet kreupel zijn om goed trap te kunnen lopen.

De mankepoot zocht om te vliegen

en vallen steeds weer een nieuwe klimmuur als uitdaging.

Hij besteeg zo vaak mogelijk

een warm vreemd lichaam onder hem.

Eerst trok hij zich op aan een ronding of uitsteeksel.

Vervolgens koos hij de dichtstbijzijnde opening als voetsteun

en dan greep hij met zijn linker of rechterhand

een verheffing in de buurt

om zo hijgend verder te klauteren tot

hij op het hoogste punt was aangeland.

De bewegingen van een klimmer

zijn ritmisch en doelgericht.

Wanneer hij kreunend de top had bereikt,

daalde hij weer af naar beneden om het daarna opnieuw te probe­ren. (...)'

Griekse mythologie

 Natuurlijk hebben Wolfgang Schäuble en Angela Merkel allebei op het gymnasium gezeten. En de Odyssee in het oudgrieks gelezen. Zodat ze in Varoufakis met zijn motor makkelijk Odysseus konden herkennen. Zodat die daar lange tijd gepast misbruik van kon maken.

 Odysseus, de listige, die overal raad op weet, geholpen door zijn schutsengel Pallas Athene. En jahoor, weer misleidt Odysseus alias Varoufakis de domme cycloop Angela Merkel, die haar ene oog verliest door toedoen van de man die zich 'Niemand' noemt. En klaagt ze tegen haar medecyclopen: 'Niemand' heeft het gedaan.

 Hoor het ze zeggen: 'Na tweeduizend jaar democratie', de 'bakermat van onze bes­chaving.' Griekse politici hebben er de mond van vol.

 In werkelijkheid bestond een soort democratie in de stadsstaat Athene voor welgestelden - niet voor slaven of vrouwen - tussen 508 en 322 voor Christus, met onderbrekingen. Niet onaangevochten. Plato besteedde een groot deel van zijn leven aan het bestrijden van de democratie. En daarna? De Romeinen kwamen, en na de Byzantijnse vorsten waren de Ottomanen er van 1453 tot 1821 de baas.

 Tot er een onafhankelijkheidsoorlog volgde, gesteund door Westerse romantici als Lord Byron. Het Westen zette er Duitse vorsten neer, tenslotte gevolgd door een generaalsbewind.

 Een Balkanland met eeuwen corruptie. De rijke reders - type Onassis ‑ hebben er ng steeds in de wet vastgelegde vrijstelling van belasting, deze linkse regering kon dat niet veranderen. 

 Ook in mijn hoofd zweeft het oude Griekenland van het gymnasium met zijn marmeren beelden, die in werkelijkheid bont beschilderd waren. Het sprookje van archeoloog Heinrich Schliemann die 'Troje terugvond' doemt op, de man die zijn vriendin behing met 'de sieraden van Helena'. Geloof het: Angela Merkel gaf eens les aan een Heinrich Schliemann-gymnasium.

 De Grieken zijn slachtoffer van een romantische fabel die 19de eeuwse Engelse en Duitse geleerden in de wereld hielpen. Ze maakten er een staat van, wat het nooit geweest was. Onze gymnasiale voorouders hebben ons opgezadeld met een sprookje.

 Zoiets kost geld, dat hoor je er voor over te hebben. 

Tags: 
de Olympias, de nagebouwde trireme bij Piraeus

Soti en de Griekse waarheid

 Vanmorgen legde de Griekse schrijfster Soti Triantafyllou het haarfijn uit in De Volkskrant. De Grieken hebben een cultuur van luiheid. Die voortkomt uit het misplaat­ste idee dat zij de erfdragers van de Westerse beschaving zouden zijn en daarvoor beloond moeten worden.

 Griekenland als stamland van de Westerse beschaving is een romantisch sprookje, verzonnen door 19de-eeuwse Duitse en Engelse geleerden en Intellectuelen. Lord Byron stierf ervoor toen hij meevocht in de onafhankelijkheidsoorlog. In Missolongi. Toen al voelde hij nattigheid. Wat men vergeet is dat Griekenland vele eeuwen lang deel uitmaakte van het Turkse, Ottomaanse rijk. En dat de Grieken daarbinnen een van de vele, nogal achterlijke Balkanstammen waren. Wat na de onafhankelijkheid in 1830 volgde was jammerlijk, geen democratie, Duitse vorsten, een generaalsbewind, corruptie, com­munisme en geen belasting betalen.

 Louis Lehmann de dichter en scheepsarcheoloog - vakgebied roeischepen - en componist kwam er vaak, kon ook de mannendansen uitvoeren. Hij vertelde me hoe Turks veel Griekse muziek is, iets wat de Grieken graag verdonkeremanen.

 Nu zijn verhaal: Hij kende de Engelse scheepshistorici Morrison en Coates, die in Piraeus een reconstructie van de Trireme maakten, het oorlogsschip waarmee de oude Grieken de zee beheersten. In 1987 werd een film op de BBC uitgezonden waar ik Louis op het dek van deze trireme door de haven van Piraeus zag varen, geroeid door Engelse studenten. De filmster Melina Mercouri, minister van cultuur was ook aan boord.

 Maar de vakantie ging voorbij, de kostbare trireme replica werd gestald in Piraeus en een jaar later bleek het erfgoed aangetast door de paalworm. De Grieken hadden er niet aan gedacht hem op het droge te halen. Toen werd hij in Londen opgeknapt. Ach die bakermat van onze beschaving.

 Het erge is dat de Grieken er zelf heilig in geloven en menen er veel rechten aan te kunnen ontlenen. Soti Triantafyllou wordt in eigen land bespuwd. Ze heeft daarom altijd natte zakdoekjes bij zich.

Topomanie (2)

 Valeria Luiselli voert me langs omwegen waar ik al eens dwaalde. Jij hier? Zeker, ik trok met Hannibals olifanten over de Alpen. En zocht de plek waar Lord Byron, zittend bovenop de Simplon Pas, een gedicht schreef. Dat hij toen niemand keek onder een grote steen verstopte. Waar het nu nog ligt.

 Valeria staart zich blind op de plattegrond van het gefragmentariseerde Venetië en tenslotte weet ze het: 'Meer dan wat ook lijkt Venetië op de fragmenten van een gebroken knie'. En ik antwoord haar dat ik als kind landkaarten uitvouwde op de vloer en er languit op ging liggen. Zodat de Donau onder me door stroomde. Landen zijn lichamen.

 Ze leest en leest, wil Portugees leren, om Pessoa. en haalt Louis Wolfson aan, de Amerikaan die de Engelse taal niet verdroeg. Hij had er tenslotte nooit voor gekozen, wilde hem vergeten, 'getiranniseerd door een schreeuwlelijke moeder met overgewicht, en verstikt door een moedertaal die hij verfoeit' komt hij z'n kamer niet meer uit en schrijft in het Frans 'Le schizo et les langues'.   

 Sleutelbegrip is bij Valeria Luiselli de saudade, de Portugese muziekvorm waarin je gemis, verlies, heimwee en melancholie uitdrukt, nog het meest rakend aan blues. En ze geeft een korte geschiedenis van de melancholie. In de 17de eeuw beschreven door de Zwitserse legerarts Johannes Hofer die bij soldaten die in den vreemde dienden steeds deze symptomen vond: hoofdpijn, slapeloosheid, benauwing in de borststreek, het horen van stemmen en het zien van geesten. Ze kregen een grauwe huidskleur en meer nog, ze verwarden het verleden en het heden. Zo kwam hij tot het ziektebeeld 'nostalgie'.

 Valeria keert terug naar de saudade, die: 'is als de korstjes op je knieën waaraan we krabben tot ze weer bloeden'. En: 'Saudade is de aanwezigheid van het afwezige: fantoompijn; de ondergrondse rivieren en meren van Mexico stad; de lakens nadat we de liefde bedreven hebben.'

 En ik denk aan Rudy Kousbroek die zo precies de weg wist in het huis dat er niet meer was. En die Valeria zo graag gelezen zou hebben.

Byron en de olifant

 De dichter Lord Byron was de begaafdste briefschrijver van zijn tijd. Er stak een moderne verslaggever in hem - net als in Kafka, diens Vliegtuigen in Brescia indachtig. Op 6 april 1819 deed Byron aan z'n vriend Hobhouse verslag van dit voorval in Venetië, waar Oostenrijkse troepen de baas waren en waar hij toen woonde. Het was in die jaren mode om wilde dieren te houden op de binnenplaats van je palazzo. Zelf hield hij apen.

 'We hadden veertien dagen terug een duivelse rel met een losgebroken olifant - hij vrat een fruitstal leeg - doodde zijn oppasser - brak een kerk binnen - en werd tenslotte gedood door een kanon dat gebracht was uit het Arsenaal. - Ik zag hem de dag dat hij losbrak uit zijn hok - hij stond aan de Riva (degli Schiavoni) en oppassers probeerden hem met groenvoer over te halen aan boord te gaan van een soort ark die ze hadden. - Ik kwam vlak bij hem in mijn gondel en zag hoe hij zich amuseerde met het in het water gooien van allerlei balken. - hij was toen niet bijzonder boos - maar tegen middernacht werd hij razend en gooide alles om wat op zijn weg kwam - Alle musketiers stonden machteloos  - & toen hij de Oostenrij­kers aanviel lieten ze hun musketten vallen en renden weg. - Tenslotte kwamen ze met een kanon, het eerste schot miste hem, de tweede kogel drong hem van achteren binnen - & kwam naar buiten met alles behalve de huid van zijn schouder, - de volgende dag zag ik hem dood, deze ontzagwekkende kerel. - Hij was gek geworden van verlangen naar een vrouwtje, dit is de bronsttijd.' 

Tags: 

Mens en berg (1)

 Het Hollandse misverstand over de Alpen is beheersbaarheid. Er sluimert daar halverwege Noord en Zuid een monster. Vrees het. Je weet het nooit met de berg. Dat weten bergbewoners.

 Miek Zwamborn schreef 'De duimsprong'. Een boek over mens en berg. Ze verkent ze, te voet. Op zoek naar een man die de bergen in ging en niet terugkwam. Maar ook in de archieven. Waarom gaan mensen de bergen in? Wie De duimsprong leest denkt 'om te verdwalen'. Of te verdwijnen, zoals de figuur Jens in dit boek. Weerberichten wegen er zwaar.

 Het is lang geleden dat de Nederlandse literatuur de Alpen nam als wat ze zijn: machtig en onvoorspelbaar. Miek Zwamborn vertelt je wie ze zijn.

 Lord Byron overnachtte op weg naar Italië - de oversteek duurde in 1817 vele dagen - bovenop de Simplon, waar hij een gedicht schreef dat hij achterliet onder een steen.

 Mist en onweer blijven levensgevaarlijk. De duimsprong: 'Dan betrekt binnen een paar minuten de hemel opnieuw. Al voor de eerste bliksem horen zij steenslag. In de kom begint alles te schuiven. De muren storten in. Losgebroken stenen rollen van grote hoogte naar beneden. Het noodweer sluit hen in. Weggedoken onder een overhellende rots zien ze toe hoe alles broos lijkt te zijn geworden.'

 Later meer. Ook over de Sebald-achtige foto's.

Lord Byron ( 1788-1824)
San Marcoplein rond 1800
olifant voert executie uit

Lord Byron

 Mens en olifant, vervolg. In de jaren 1816-1819 verbleef de dichter Lord Byron in Venetië. Een geestige, intelligente en ook aardige man, die niet zo goed wist wat hij met zijn leven aan moest. Zijn verzen kan ik slecht lezen. Hij maakte ze ook vooral om het geld. Af en toe haalde hij een paar nachten door als er weer een pak naar uitgever Murray in Londen moest. Byron rijmde als een automaat. Zijn brieven daarentegen zijn geweldig. De olifantbrief is van 6 april 1819 uit Venetië, gericht aan zijn vriend Hobhouse.

 In Venetië - na Napoleon bezit van de Oostenrijkers - was het onder de rijken gewoonte exotische dieren te houden op de binnenplaatsen van hun palazzi aan het Canal Grande. Byron zelf had twee apen.Verderop woonde een olifant, die eind maart bronstig werd - 'He went mad in want for a She' - in razernij ontstak en losbrak.De olifant vrat een fruitstal leeg, doodde de eigenaar en stormde een kerk binnen. Daarna galoppeerde hij over het San Marcoplein heen en weer. Byron liet zich door zijn gondelier Tita naar de Riva degli Schiavoni roeien om te zien hoe de olifant 'zich amuseerde met het in alle richtingen slingeren van grote houten balken, die daar waren uitgegeladen. De gearriveerde Oostenrijkse politie liet z'n musketten vallen en vluchtte. Daarna bracht het garnizoen een kanon uit het Arsenaal in stelling. De eerste keer schoten ze mis. Daarna raak.

 Wat Byron dan beschrijft is hoe de kogel eerst de olifant binnendringt, en hoe er daarna aan de andere kant eerst een stuk olifantenschouder naar buiten komt en daarna de kanonsbal. Byron noemt dit 'the devils's own row with an elephant'.

Tags: 
''handy'' is Duits voor ''mobieltje''
Alexander Kluge

Alexander Kluge

 Krijgen olifanten zoveel meer aandacht, puur omdat ze zo groot zijn? Ik vrees het. Zouden ze even groot zijn als de varkens - van wie ze familie zijn - dan keken de mensen even weinig naar ze om als naar miereneters. Het tijdschrift Raster bracht net een nummer uit over twee Duitse schrijvers buiten de mainstream. Een van hen is Alexander Kluge, tevens advocaat, televisie- en filmmaker.

 Cyrille Offermans vertaalde van hem oa. 'Filmverhalen'. Verzonnen verhalen zijn het. Eén ervan gaat over het filmen (zo vroeg als 1904) van de executie van een olifant die zich misdragen heeft. Hij heeft drie bewakers gedood en is veroordeeld tot de elektrische stoel.Uit dierexecuties - er zijn er meer in de geschiedenis - leer je de mensen kennen. Ik denk aan de moeder van de schrijver Jules de Palm, die zo'n stoute schemerlamp had. Steeds weer stond hij haar in de weg of viel hij om. Zo'n ondeugende lamp.

 Bij Kluge's olifant komt nog iets anders: film. De elektrocutie van de olifant wordt gefilmd op 35mm. En trekt veel betalende bezoekers. Waarom?Kluge geeft één prachtige reden voor hun bezoek aan de film, die maar anderhalve minuut duurt: 'Vermoedelijk beschouwden ze hem als bewijs voor het feit dat ze nog leefden'. Morgen de olifant bij Lord Byron.

Tags: 
Jacob Olie, zwembad Westerdoksdijk (1893)

Thomas A.P.van Leeuwen (1)

 De erudiete plaatjesboeken van Thomas A.P.van Leeuwen zijn nieuw voor me. Een bron van puur plezier. Deze dagen stootte ik eerst op 'The Skyward Trend of Thought; Metaphysics of the American Skyscraper' (1988) en daarna op 'The Springboard in the Pond; An Intimate History of the Swimming Pool' (1998). Verzamelingen feiten, inzichten en - vaak zeldzame - illustraties waarin op een voor mij nieuwe manier oerthema's worden uitgewerkt. Het blijken twee delen te zijn van een serie over architectuur en de klassieke elementen: aarde, water, lucht en vuur.

 Dat vuur dat komt nog, hij geeft al af en toe lezingen over grote stadsbranden. Van Leeuwen was vele jaren professor in architectuurhistorie in Leiden en werkte ook in de Verenigde Staten. Architectuur en het element lucht? Daar komt de Wolkenkrabber, die beter Luchtkrabber kan heten. De verwoesting van de Twin Towers kan misschien worden toegevoegd in een herziene druk. Of anders in deel drie over het vuur. Architectuur en het element water? Thomas A.P.van Leeuwen kiest voor de geschiedenis van het zwembad. En zet het breed op, in reeksen tweedelingen.

 Mens en water gaat over sex en dood. Water is lekker, maar gevaarlijk. Maar ook over zien en voelen. Hoe zie je water, hoe voel je het? Water oogt altijd weer anders, vaak is het zelfs onherkenbaar. En hoe voelt het aan? Dat merk je als je je erin waagt. Dat begint met baden. Daarna komt het meester worden van het element: zwemmen. Van de badinrichting tot de eerste zwemschool. De romantische dichters waren grote zwemmers, Byron doorzwom het hele Canal Grande, Shelley verdronk voor de kust van Lerici een deel Sophocles in de vuist geklemd.Intussen...Het zwembad is om de hoek. De duikplank! Even gewichtloos zijn, even vliegen. Overgave. En dan de verraderlijke omhelzing van het water. Dit boek eindigt met vele Californische privé pools. Eigenlijk, leer ik van Thomas A.P.van Leeuwen, kan heel de wereld verklaard worden uit het zwembad. Of uit de wolkenkrabber.

Tags: