De foto's van George Breitner (2)

 In 1961, bijna veertig jaar na z'n dood werd bij toeval ontdekt dat Breitner ook fotograaf was. Hij had z'n foto's nooit in het openbaar getoon­d.

 Nu zijn er 2850 negatieven en afdrukken van deze pionier van de straatf­otografie, die kunnen wedijveren met Franse Nabi's als Bonnard en Vuillard. Breitner ging zelden van huis zonder schetsboek, veldezel met schilderskist én vanaf 1889 z'n camera. Ontwikkelen en afdrukken deed hij zelf.

 Om passanten te fotograferen stond hij bij bruggen of stelde zich verdekt op bij straathoeken. Mensen volgen deed hij ook. Soms werd hij opgemerkt, kijkt iemand hem aan. Geen bezwaar, zo te zien.

 In de techniek was hij geen perfectionist. Veel is onderbelicht, grij­zig, onscherp. Met opzet toch. Hij zocht stegen in tegenlicht, donkere silhouetten tegen lichte lucht, nam extreem hoge of lage standpunten, zat graag dicht op zijn onderwerp. Een modernist avant-la-lettre. Waarom toch zoveel foto's? Hij gebruikte ze, zei hij eens als 'spiegel van de herinnering'.

 Morgen na 22.00 in de Avonden meer.

Tags: 

De foto's van George Breitner (1)

 De mensen op de foto’s die Breitner vanaf 1889 maakte zijn vluchtig. Een dienstbode, een werkman, een heer. Op een haar na ontsnappen ze.

 Het lijkt of Breitner met z'n toes­tel moest rennen om ze nog te kunnen pakken. Ze lopen weg, wijken uit, vervagend, onscherp.

 In de Rotterdamse Kunsthal is een kleine keus te zien uit de foto's van de meester der duisternis. Waarschijnlijk is zijn fotograferen begonnen als het verzamelen van materiaal voor schilderijen, later werd het op zichzelf staand beeldend werk. Donker was zijn stad, de stegen lagen in vochtige schaduw, waar alleen tegen het eind van de dag een straal licht doordr­ong. Zelfs zijn befaamde natte sneeuw bracht nauwelijks licht. Er werd gebou­wd, nieuwe wijken verrezen, maar het resultaat hoefde hij niet. Alleen het slaan van de kraters interesseerde hem.

 Er verscheen in 1989 een boek met Breitner-foto's dat ik in 1991 cadeau gaf aan mijn vriend Johnny van Doorn, op zijn sterfbed in het ziekenhuis in Amster­dam-Noord. Zijn liefde voor de krochten van het ‘spookslot Amsterdam’ indachtig.

Maannachten

 Afgelopen maandag schreef ik oa. over Robert Zandvliets 'Maan­nacht' (2009).

 Zandvliet geeft wel de titels van klassieken uit de schilderk­unst waarvan hij heel eigen versies maakte bij z'n tentoonsteling in het Haagse GEM. Naar de make­rs van de oorspronkelijk werken laat hij je raden. Een spannende onderneming waaraan in dit geval ook Gijsbert van der Wal deelnam. Dinsdag mailde hij: 'Beste Wim, moet je kijken hoe mooi de Zandvliet op jouw weblog rijmt met een nocturne van George Hendrik Breitner, die ik vorige week fotografeerde in het Musée d'Orsay in Parijs.'

 En later die dag: 'Beeldrijm? Je zou het haast denken hè? Staat er iets over in een catalogus ofzo, dat je weet?' Maar de catalogus was nog niet klaar, er lag in Den Haag wel één exemplaar ter inzage, waarin niets over Breitner.

 Gisteren mailde Gijsbert: ‘Ik heb de twee plaatjes nog eens naast elkaar gezet en Zandvliets schilderij MOET een kopie zijn van de Breitner. De vorm van de wolken is hetzelfde, de verdeling van licht- en donkerplekken, zelfs de twee oranje lichtjes aan de horizon.’

 Robert Zandvliet maar eens mailen?

Breitner
Isaac Israels

Brakman, Israels, Breitner

 Weer loopt veel samen. Morgen zou ik naar Jozef en Isaac Israels in Den Haag, maar vanmiddag al viel de envelop van de Willem Brakmankring in de bus. Daarin brengt Gerrit Jan Kleinrensink de leden het nieuws dat vanaf 17 januari 2009 een grote Willem Brakman-tentoonstelling wordt gehouden in het Rijksmuseum Twenthe. Met zijn schilderijen, foto's, teksten, en ook waarachtig zijn complete werkkamer.

 Meegestuurd wordt het boekje 'Brakman's route'. Willem kwam vaak in het Rijksmuseum Twenthe en had z'n vaste favorieten in de collectie, die hier nu zijn afgebeeld met zijn commentaar. De magistrale Isaac Israels 'Voor het feest' is erbij. Een mooie vrouw inspecteert zichzelf voor ze uitgaat. Willem schrijft: 'Het meisje keurt haar verschijning als was zij het niet zelf die daar stond. In haar is weinig warmte, wel scherpte van blik maar zonder toegevendheid.' En zo door. 'Zij doet een stap naar voren, een lichte torsie in de heupen, nog even een beademen van de spiegel en dan zegt ze, een en al handen, lippen, hals, tule:'Maak mij tot wat ik ben...'. Maar Willem weet 'zij behoort tot het type vrouwen die mij niet mogen...'.

 En verderop kom ik Breitners 'Het kimonomeisje' (Geesje Kwak) tegen. En zie, waarachtig, een afhangende hand. Willem: 'Ik ben een handenfetisjist en hier is dan de lang gezochte, niet te overtreffen hand, daarbij ook nog op de juiste manier uitgespeeld, namelijk terloops.' Dit boekje is voor 7,50 te bestellen bij Rijksmuseum Twenthe. Adres: Lasondersingel 129, 7514 BP, Enschedeinfo@rijksmuseumthwenthe.nl

Pagina's