Vroege zwaluwen

Vanmorgen was er opeens een zwaluw. Althans, ik hoorde hem. Een gierzwaluw, onmiskenbaar. De eerste van het jaar. Kort daarna een tweede. Toen vlogen ze laag voor mijn balkon langs, getwee. Nu is het weer stil.

 Heb ik het me verbeeld? Het is twaalf uur en het luchtalarm gaat af. Zeven mei is het vandaag. Ik pak mijn boek weer op, Het verhaal 'Beschreibung eines Kampfes' van Kafka, waarin de schrijver de werkelijkheid laat zijn zoals hij wil. Zoals iedere schrijver, alleen in dit verhaal vertelt hij het er bij. Zo wandelt hij met een kennis, die opeens ten val komt en dan staat er: '..toen ik hem onderzocht merkte ik dat hij aan zijn knie ernstig gewond was. Omdat hij me niet meer van nut kon zijn liet ik hem op de stenen liggen en floot alleen maar een paar gieren uit de hoogte neer, die gehoorzaam en met ernstige snavel boven op hem gingen zitten om hem te bewaken.'

 En dan staat er: 'Onbezorgd liep ik door. Maar omdat ik als voetganger tegen de inspanningen van de bergachtige straat opzag, liet ik de weg steeds vlakker worden en in de verte tenslotte afdalen.' 

 Kafka loopt de berg af en ik besluit de zwaluwen te laten vliegen. Toegegeven, zeven mei is wat vroeg, maar ik maak hier de dienst uit.

 ps. Eens reed ik door een eindeloos Zweeds dennenbos.. Opeens was er een houtzagerij en een naambordje: Uddevalla..    

 ps2. 'Je ziet ze nooit aankomen, ze zijn er gewoon meteen. Eerst eentje, dan drie, dan acht, dan twintig. Het lijmt alsof ze uit het niets verschijnen, of zee materialiseren in de lucht.'

 Zo beschrijft de Amsterdamse stadsbioloog in zijn onovertroffen boek 'Zwaluwen' hun aankomst, ergens in april. Uitzonderlijke vogels. Alles doen ze in de lucht, paren, slapen, eten, ze zijn daarin uniek. Hun 'gieren' bevat allerlei mededelingen die mensen niet kunnen onderscheiden.

 'De gierzwaluwen horen niet tot onze wereld, ze staan er letterlijk boven,' schrijft Daalder. Hemelbestormers zijn het. Lastig te bestuderen omdat ze altijd in beweging zijn. Ze vliegen tot 110 kilometer per uur op 3 kilometer hoogte. Als het hier lelijk weer is vliegen ze soms even naar Engeland om daar wat insecten te vangen. Soms vliegen ze hoog boven het IJsselmeer vanwaar ze kunnen waarnemen waar hun insecten zich bevinden.

 Hebben ze een nest dan pikken de oudervogels elkaar liefkozend in de veren. Of is dat om parasieten te verwijderen?

 De jongen laten zich tenslotte uit het nest vallen, vliegen weg en komen nooit meer terug.

 En waarom moeten ze zo nodig begin augustus naar het zuiden, terwijl het hier nog barst van de insecten? Daalder laat ons met een raadsel achter.